Een madhab is geen sekte. Het is een juridische methodologie ontwikkeld
door één van vier zeer geleerde imams in de eerste 2 eeuwen na de Hijra. Alle vier
steunen op Qur'an + Sunnah; ze verschillen vooral in hoe ze interpreteren en
omgaan met situaties waar de tekst stilzwijgt.
Een gewone moslim hoeft niet "een madhab te kiezen" als formele commitment — meestal
volgt hij de fatwās van geleerden in zijn omgeving. Voor systematische studie en
consistente fiqh-praktijk is committen aan één madhab klassiek aanbevolen.
Vandaag: Vandaag dominant in: Turkije, Centraal-Azië, Indo-Pakistan, Balkan, deel Egypte/Syrië
De oudste van de 4. Een koopman + jurist. Beroemd om zijn analoge redenering (qiyās) en stelselmatige fiqh. Werd 2× gevangengezet door khalīfahs voor het weigeren van overheidsfuncties. Stierf in Abbasiden-gevangenschap.
Methodologie: Bouwde fiqh op (1) Qur'an, (2) Sunnah, (3) consensus (ijmāʿ) van ṣaḥābah, (4) qiyās, (5) istiḥsān (juridische voorkeur). Was relatief liberaal in qiyās — hierdoor flexibeler in moderne situaties.
Belangrijke leerlingen: Zijn 2 grootste leerlingen, Abū Yūsuf en Muḥammad ash-Shaybānī, codificeerden zijn fiqh.
Vandaag: Vandaag dominant in: Marokko, Algerije, Tunesië, West-Afrika, Mauretanië, deel Egypte/Soedan
Onderwees zijn hele leven in Madīnah — verliet de stad zelden. Schreef al-Muwaṭṭaʾ, een van de oudste hadith-codices. De khalīfahs respecteerden hem zo dat ze hem opzochten — hij stond niet voor hen op.
Methodologie: Sterk gefocust op de praktijk van de Madīnah-bewoners (ʿamal Ahl al-Madīnah) — hun consensus zag hij als levend bewijs van Sunnah. Plus Qur'an, Sunnah, ṣaḥābah-fatwās, qiyās, en maṣlaḥah (publiek belang).
Belangrijke leerlingen: ash-Shāfiʿī was zijn leerling. Ibn al-Qāsim (codificator van de school via de Mudawwanah).
Vandaag: Vandaag dominant in: Indonesië, Maleisië, Filippijnen, Zuid-Egypte, Oost-Afrika, Jordanië, Yemen, Koerdistan
Studeerde bij Mālik in Madīnah, Shaybānī (Hanafi) in Iraq. Schreef ar-Risālah — het eerste systematische werk over uṣūl al-fiqh (rechtsmethodologie). Verhuisde uiteindelijk naar Egypte waar zijn "nieuwe" school (al-jadīd) ontstond, anders dan zijn oude (al-qadīm) in Iraq.
Methodologie: Eerste die de hiërarchie codificeerde: (1) Qur'an, (2) Sunnah (ahādīth aḥād telt!), (3) ijmāʿ, (4) qiyās. Strikter over hadith-isnād dan Mālik of Abū Ḥanīfah.
Belangrijke leerlingen: al-Buwayṭī, al-Muzanī, ar-Rabīʿ. Imām Aḥmad was ook zijn student voordat hij eigen school stichtte.
Vandaag: Vandaag dominant in: Saudi-Arabië, Qatar, deel Syrië, deel Iraq, deel Palestijnse gebieden
Eerst en vooral een hadith-meester — z'n Musnad bevat ~30.000 ahādīth. Zat 30 maanden in de Miḥnah-gevangenis voor zijn weigering om de Muʿtazilī-doctrine ("Qur'an is geschapen") te accepteren. Ondanks marteling stond hij bij de Sunnah. Werd hierdoor de "Imām van Ahl as-Sunnah" voor velen.
Methodologie: Sterk vertrouwen op Qur'an + Sunnah, inclusief zwakke ahādīth boven qiyās. Minder qiyās dan andere scholen. Beschouwt fatwās van ṣaḥābah als bindend bij geen direct bewijs.
Belangrijke leerlingen: Zijn zoon ʿAbdullāh, al-Marwazī, al-Khallāl. Latere giganten van de school: Ibn Qudāmah (al-Mughnī), Ibn Taymiyyah, Ibn al-Qayyim.